contact | Gastenboek | impressum | sitemap

Vorming

Geschiedenis Godsdiensten Onderwijs Duitse taal tekstvertalingen *   brieven literaire werken interviews toespraken verdragen

Recente berichten

taaltip

duits zonder voorkennis duits met voorkennis
   

 

Wolfgang Amadeus Mozart

aan een mooie barones (02/10/1782)

 

(bron: ARD - Mozartjahr)



Mozart (1756-1791) was in oktober 1782 twee maanden getrouwd, toen hij op een avondbal een mooie barones ontmoette, die hij tevoren reeds kende. Hij had haar een paar composities beloofd. De balavond met haar moet prachtig geweest zijn. 's Anderdaags heeft Mozart nog wel een zwaar hoofd van het bal, maar verzendt toch zo snel mogelijk de gevraagde composities aan de barones, met... een begeleidend schrijven.

De stijl is zeer los en vertolkt wellicht het karakter van Wolfgang Amadeus Mozart. Storend kan eventueel de 'ongezouten' taal zijn in deze brief, maar naar verluid zou dit in zijn tijd helemaal niet genant geweest zijn.

 

Originele tekst Vertaling

Allerliebste, Allerbeste, Allerschönste, Vergoldete, versilberte und verzuckerte, Werteste und schätzbarste Gnädige Frau
Baronin!

Allerliefste, allerbeste, allermooiste, vergulde, verzilverde en versuikerde, waardevolste en meest hooggeachte genadigde vrouw
Barones!
Hier habe ich die Ehre, Ew. Gnaden das bewußte Rondeau samt den zwei Teilen von den Komedien und dem Bändchen Erzählungen zu schicken. Ich habe gestern einen großen Bock geschossen! Es war mir immer, als hätte ich noch etwas zu sagen, allein meinem dummen Schädel wollte es nicht einfallen! Und das war, mich zu bedanken, daß sich Ew. Gnaden gleich soviel Mühe wegen dem schönen Frack gegeben, und für die Gnade, mir solch einen zu versprechen! Allein mir fiel es nicht ein; wie dies dann mein gewöhnlicher Fall ist. Mich reuet es auch oft, daß ich nicht anstatt der Musik die Baukunst erlernt habe; dann ich habe öfters gehört, daß derjenige der beste Baumeister seie, dem nichts einfällt. Ich kann wohl sagen, daß ich ein recht glücklicher und unglücklicher Mensch bin! Unglücklich seit der Zeit, da ich Ew. Gnaden so schön frisiert auf dem Ball sah! dann meine ganze Ruhe ist nun verloren! Nichts als Seufzen und ächzen! Die übrige Zeit, die ich noch auf dem Ball zubrachte, konnte ich nichts mehr tanzen, sondern sprang; das Souper war schon bestellt: ich aß nicht, sondern ich fraß. Die Nacht durch, anstatt ruhig und sanft zu schlummern, schlief ich wie ein Ratz und schnarchte wie ein Bär, und ohne mir viel darauf einzubilden, wollte ich fast darauf wetten, daß es Ew. Gnaden á proportion eben auch so ging! Sie lächeln? werden rot? O ja, ich bin glücklich! mein Glück ist gemacht! Doch ach! wer schlägt mich auf die Achseln? wer guckt mir in mein Schreiben? Auweh, auweh, auweh! mein Weib! Nun in Gottes Namen, ich hab sie einmal und muß sie behalten! Was ist zu tun? Ich muß sie loben und mir einbilden, es seie wahr! Glücklich bin ich, weil ich keine Auernhammer brauche, um Ew. Gnaden zu schreiben wie Herr von Taisen, oder wie er heißt (ich wollte, er hätte gar keinen Namen!), dann ich hatte an Ew. Gnaden selbst etwas zu schicken. Und auch außer diesem hätte ich Ursach gehabt, Ew. Gnaden zu schreiben; doch das traue ich mir in der Tat nicht zu sagen; doch warum nicht? Also Courage! Ich möchte Ew. Gnaden bitten, daß – pfui Teufel, das wäre grob! Apropos, kennen Ew. Gnaden das Liedchen nicht? Hier heb ik de eer aan Uwe begenadigde het bewuste Rondeau, samen met de twee delen van de comedie en het bundeltje vertellingen toe te zenden. Gisteren heb ik een blunder begaan! Ik had steeds het gevoel nog iets te moeten zeggen, maar mijn domme schedel kon er maar niet opkomen! En dat was, me te bedanken omdat Uwe begenadigde zoveel moeite getroost had voor die mooie jas, en voor de genade me zo een jas te beloven! Maar ik kwam er gewoon niet op; zoals het mijn gewoonte is. Ik betreur het trouwens altijd opnieuw dat ik in plaats van muziek geen bouwkunst geleerd heb; want ik heb vaak gehoord, dat de beste bouwmeester die is, die nooit op iets komt. Ik kan wel zeggen, dat ik een echt gelukkig en tegelijk ongelukkig mens ben! Ongelukkig sinds de tijd dat ik Uwe begenadigde met zulk een mooi kapsel op het bal gezien heb! Want nu heb ik eenvoudig weg geen rust meer! Niets als zuchten en kreunen! De rest van de tijd op het bal kon ik niet meer dansen, alleen nog maar springen; het avondeten was besteld: ik at zelfs niet, ik vrat. De hele nacht, in plaats van rustig en zacht te doemelen, sliep ik als een rat en snurkte als een beer, en zonder me daar al te veel bij te verbeelden, zou ik er bijna op wedden, dat het Uwe begenadigde á proportion niet veel beter ging! Lacht U? Wordt U rood? O ja, ik ben gelukkig! Mijn geluk kent geen einde! Maar oei! Wie slaagt me daar op mijn schouders? Wie bekijkt mijn brief? Oei, oei, oei, mijn wijf! Nu in Gods naam, ik heb ze nu eenmaal en moet ze behouden! Wat moet ik nu doen? Ik moet ze loven en me inbeelden dat dat nog waar is ook! Gelukkig ben ik dat ik geen smoesje nodig heb om Uwe begenadigde te schrijven zoals de heer von Taisen, of hoe heet hij ook weer (ik wou dat hij geen naam had!), want ik heb Uwe begenadigde wat te zenden. En zelfs afgezien daarvan heb ik een reden aan Uwe begenadigde te schrijven; maar dat durf ik inderdaad niet zeggen; maar waarom eigenlijk niet? Courage dus! Ik zou uwe Begenadigde willen smeken, dat... pff, de duivel, dat zou grof zijn! Apropos, kent Uwe begenadigde dit liedje niet?
Ein Frauenzimmer und ein Bier,
Wie reimt sich das zusamm?
Das Frauenzimmer besitzt ein Bier,
Davon schickt sie ein Blutzer mir;
So reimt es sich zusamm.
Een vrouwenkamer en een bier,
Hoe is dat te rijmen?
In de vrouwenkamer is er bier,
Daarvan krijg ik een bloedopstuwing;
Zo is het te rijmen.
Nicht wahr, das hätte ich recht fein angebracht? Nun aber senza burle! Wenn mir Ew. Gnaden auf heute abends einen Blutzer zukommen lassen könnten, so würden Sie mir wohl eine große Gnade erweisen. Dann meine Frau ist – ist – ist und hat Gelüste und aber nur zu einem Bier, welches auf englische Art zugerichtet ist. Nun brav, Weiberl! Ich sehe endlich, daß du doch zu etwas nütze bist! Meine Frau, die ein Engel von einem Weibe ist, und ich, der ein Muster von einem Ehemann bin, küssen beide Ew. Gnaden tausendmal die Hände und sind ewig Dero getreue Vasallen Dat heb ik toch fijn aangebracht, niet waar? Nu echter senza burle! Wanneer Uwe begenadgde me vanavond een bloedopstuwing zou kunnen doen bezorgen, zou U me wel een grote dienst bewijzen. Want mijn vrouw is..., en is...,en is..., en heeft zo’n lust en enkel maar voor één biertje, dat op Engelse wijze opgediend wordt. Nu, wees braaf, wijvje! Eindelijk zie ik dat je toch voor iets goed bent! Mijn vrouw, die een engel van een wijf is, en ik, die het voorbeeld van een echtgenoot ben, wij beiden kussen Uwe begenadigde duizendmaal de hand en zijn voor eeuwig Uw vazallen
Mozart, magnus, corpore parvus, et Constantia, omnium uxorum pulcherrima et prudentissima.

Wien, 2. Oktober 1782.
Mozart, magnus, corpore parvus, et Constantia, omnium uxorum pulcherrima et prudentissima.

Wien, 2. Oktober 1782.

 

Mozart
W.A.Mozart verzameling brieven

Wilhelm A. Baur en Otto E. Deutsch hebben alle brieven en aantekeningen van Mozart verzameld in een bundel van 4492 bladzijden. Boek: “Mozart, Briefe und Aufzeichnungen”, dtv Verlag, ISBN 3-423-59076-9.